De noise gate en je muziek

In het geval je aan de slag gaat met het maken van akoestische opnamen dan is het daarbij standaard het geval dat er bijgeluiden ontstaan die al dan niet gewenst zijn. Deze bijgeluiden kunnen bestaan uit simpele ruis, maar ook bijvoorbeeld uit ademhaling of gekraak van het gebruik van hulpmiddelen.

Ben je bezig met het muzikale spel dat zullen deze bijgeluiden vaak overstemd worden door het signaal van je geluidsbron zelf. In het geval dat je te maken krijgt met rustige passages dan zullen deze bijgeluiden sneller opvallen. Dit hoeft nu niet direct een ramp te zijn. Er bestaan namelijk hulpmiddelen om deze ongewenste geluiden te onderdrukken. In dit geval kun je de inzet overwegen van een noise gate.

Noise gate

Wat kun je nu met een noise gate? Een noise gate kun je eigenlijk vergelijken met een compressor. Beide apparaten maken namelijk gebruik van elektronische schakelingen die overeenkomsten vertonen en daarmee vertonen ook de functies een mate van gelijkheid.

Ook de noise gate beschikt over een gate-functie. Voor het inschakelen van de gate-functie wordt er net als bij de compressor gebruik gemaakt van een VCA component waarbij de instelling geschiedt middels de threshold. De gate is een soort poort. Een andere mogelijkheid is dat er in plaats van het VCA component er juist sprake is van een verzwakker. Deze verzwakker staat ook wel bekend als de Voltage Controlled Attenuator.

Belangrijk bij de gate-functie is dus de threshold. De threshold in dit geval zorgt er dan voor dat de signalen die zachter van aard zijn niet de mogelijkheid krijgen om zich te mengen met het oorspronkelijke geluidssignaal. Op het moment dat het signaal boven de threshold komt zal de gate van een gesloten situatie overgaan naar een open situatie.

Een ander belangrijke instelling net als bij de compressor is de release. De release bepaalt namelijk hoe snel de gate reageert, dus in dit geval hoe snel de gate sluit. De instelling loopt van milliseconden tot seconden.

Decay-instelling

De noise gate gaat eigenlijk niet subtiel te werk bij het onderdrukken van de zachte signalen die voor problemen zorgen. Het doet zijn werking meer op een soort directe wijze net als de limiter. Natuurlijk kan er hier ook wat aan gedaan worden. En daarvoor heb je dan ook de decay-instelling. De decay treedt in werking nadat de threshold zijn werking heeft gedaan.

Attack-functie

Bij het gebruik van een noise gate is het ook van belang dat het attack-gedeelte van je signaal aanwezig blijft anders mis je het muzikale deel erin. Om dit gemis te voorkomen dient de noise gate in het bezit te zijn van een attack-functie met reactiesnelheid dat je kunt instellen. Door deze functie ben je namelijk in staat om kenmerkende eigenschappen aan het begin van een bepaald geluidssignaal te behouden.

Ook handig is als voor dit gedeelte de reactie automatisch geschiedt, want in het geval je net een zodanige instelling doet dat je de aanslag van je geluidssignaal mist dan heb je weinig aan je opnamesessie.

Ga je te enthousiast om met de instelling dan kan dat er weer voor zorgen dat de lage frequenties op een negatieve wijze in beeld komen. Deze kunnen namelijk hierdoor vervormd raken. De vervorming treedt op omdat de signalen niet de ruimte krijgen om zich volledig te ontwikkelen. Deze reactie-instellingen worden ook wel bestempeld als de transient-respons.

De instellingen voor het attack-gedeelte kan lopen vanaf een paar microseconden tot milliseconden in tienvoud. Wil je het muzikale karakter behouden dat dien je tussen een waarde te zitten dat zich bevindt tussen de 100 microseconden en 100 milliseconden.

De noise gate zorgt ervoor dat hinderlijke bijgeluiden worden onderdrukt. Belangrijk bij je instellingen is dat je het attack-gedeelte goed in de gaten houd. Doe je dit niet dan loop je de kans dat er muzikaal karakter verloren gaat.

Leave a Comment